Dampremmer plaatsen: dit zijn de 7 meest gemaakte fouten (en zo los je ze op)

Ontdek de meest gemaakte fouten bij het aanbrengen van een dampremmer en leer hoe je ze voorkomt voor een gezond binnenklimaat.

Een dampremmer is een slimme folie die vocht uit je constructie houdt en zo houtrot, schimmel en koudebruggen voorkomt. Maar een dampremmer werkt alleen als je hem op de juiste manier plaatst. In de praktijk gaat er nogal eens wat mis, vooral bij doe-het-zelvers die haast hebben of niet precies weten hoe het zit.

In dit artikel zetten we de zeven meest gemaakte fouten op een rij, met heldere oplossingen. Zo weet jij precies waar je op moet letten en voorkom je dure schade achteraf. Wees gerust: met de juiste voorbereiding en een beetje geduld is het goed te doen.

Fout 1: De dampremmer aan de verkeerde kant plaatsen

De dampremmer moet altijd aan de warme zijde van de isolatie worden geplaatst. Dat is de binnenkant van je woning (de kant waar jij woont). Zo voorkom je dat vochtige lucht uit je huis de isolatie in trekt en condenseert op het koude punt. Plaats je de folie aan de buitenzijde, dan kan vocht juist vast komen te zitten in de isolatie, met schimmel en houtrot als gevolg.

Hoe weet je welke kant de warme zijde is? Dat is de kant waar je het meest verblijft: dus in een woonkamer de binnenkant van de buitenmuur, in een dak de binnenzijde van het dakbeschot, en bij een vloer de bovenkant van de vloerisolatie. Check altijd de verpakking van de folie; veel dampremmers hebben een bedrukte zijde die naar binnen moet wijzen.

Fout 2: Niet luchtdicht afwerken, vooral bij naden en aansluitingen

Een dampremmer is alleen effectief als hij volledig luchtdicht is. De meeste vochtproblemen ontstaan doordat naden en aansluitingen niet goed zijn afgeplakt met speciaal dampremmend tape. Gewone ducttape is niet geschikt, want die laat na verloop van tijd los en is niet dampdicht. Ook het gebruik van nietjes zonder tape erover is een veelgemaakte fout.

Zorg dat je bij elke overlapping minimaal 10 centimeter overlap hebt en plak de naden zorgvuldig af met de juiste tape. Let ook op aansluitingen op muren, ramen, deuren en doorvoeren voor leidingen. Gebruik hiervoor speciale manchetten of kit die dampdicht is. Werk nauwkeurig, want een klein gaatje kan al zorgen voor een vochtige plek in je isolatie.

Fout 3: Beschadigde folie verwerken

Tijdens het plaatsen kan de dampremmer gemakkelijk beschadigd raken: een scheur, een gat of een verkeerd gestoken nietje. Veel mensen denken dat dit geen kwaad kan, maar een gaatje is genoeg om de dampremmer zijn functie te laten verliezen. Vocht kan dan alsnog de isolatie in trekken.

Voorkom schade door de folie pas op maat te knippen vlak voordat je hem plaatst, en werk niet met scherpe voorwerpen in de buurt van de folie. Als er toch een beschadiging ontstaat, plak het gat dan direct af met dampremmend tape. Inspecteer de folie na het plaatsen ook nog een keer, bijvoorbeeld met je handen (voel voor oneffenheden) of met een zaklamp.

Fout 4: De dampremmer niet in samenhang met ventilatie plaatsen

Een dampremmer is geen vervanging voor ventilatie. Zelfs met een perfect geplaatste dampremmer moet je woning goed geventileerd worden om vochtproblemen te voorkomen. Veel mensen denken dat de dampremmer alle vocht tegenhoudt, maar dat is niet waar: het vertraagt alleen de dampdiffusie. Als er veel vocht in je huis wordt geproduceerd (door koken, douchen, wassen), dan moet die lucht wel weg kunnen.

Zorg dus voor voldoende ventilatie, bijvoorbeeld met ventilatieroosters, een mechanisch ventilatiesysteem of vraaggestuurde ventilatie. Een dampremmer is een onderdeel van een systeem, niet een op zichzelf staande oplossing.

Fout 5: De dampremmer gebruiken waar een dampdichte folie nodig is

Er zijn drie soorten folies: dampremmend, dampdicht en dampopen. Een dampremmer laat een bepaalde hoeveelheid vocht door, terwijl een dampdichte folie (vrijwel) geen vocht doorlaat. Welke je nodig hebt, hangt af van de constructie. Bij een houtskeletbouw of een plat dak met houten balken is vaak een dampremmer voldoende, maar bij bijvoorbeeld een kruipruimte of een natte ruimte kan een dampdichte folie nodig zijn.

Kijk altijd naar de specificaties van de folie en de opbouw van je constructie. Bij twijfel is het verstandig om een isolatiespecialist of bouwkundige om advies te vragen. Het gebruik van de verkeerde folie kan leiden tot vochtophoping en ernstige schade.

Fout 6: De dampremmer niet ver genoeg door laten lopen

Een veelgemaakte fout is dat de dampremmer niet ver genoeg doorloopt, bijvoorbeeld bij de overgang van een muur naar het dak of bij een hoek. Hierdoor ontstaat een kier waar vocht doorheen kan dringen. Zorg dat de folie minimaal 15 centimeter doorloopt in de hoeken en over de aansluitingen.

Bij een hellend dak is het belangrijk dat de dampremmer aan de binnenzijde van de isolatie zit en goed aansluit op de muur. Werk de folie zorgvuldig in, zodat er geen open naden overblijven. Dit vergt wat extra tijd, maar bespaart je later veel ellende.

Fout 7: Geen rekening houden met de dampremmer bij later werk

Als je later in de constructie moet boren, bijvoorbeeld voor een schilderij of een kast, dan kan je per ongeluk door de dampremmer heen boren. Dit gebeurt vaker dan je denkt. Hierdoor ontstaat een gat dat de werking van de dampremmer tenietdoet.

Markeer op de wanden of het plafond waar de dampremmer precies zit, of bewaar een tekening van de constructie. Als je later per ongeluk een gat boort, plak dit dan direct af met dampremmend tape. Het is ook verstandig om bij verbouwingswerkzaamheden de folie te inspecteren op beschadigingen.

In het kort

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen een dampremmer en een dampdichte folie?

Een dampremmer laat een beperkte hoeveelheid vocht door, terwijl een dampdichte folie vrijwel geen vocht doorlaat. De keuze hangt af van de constructie en het vochtgehalte van de materialen.

Kan ik een dampremmer zelf plaatsen of moet ik een professional inschakelen?

Zelf plaatsen is mogelijk, maar het vereist nauwkeurigheid en kennis van de juiste technieken. Bij twijfel, vooral bij complexe constructies, is het verstandig een specialist in te huren om dure fouten te voorkomen.

Hoe weet ik of ik een dampremmer nodig heb?

In de meeste woningen met spouwmuurisolatie of dakisolatie is een dampremmer nodig om vochtproblemen te voorkomen. Raadpleeg een isolatieadviseur of kijk naar de opbouw van je constructie.

Welke tape moet ik gebruiken voor naden in een dampremmer?

Gebruik altijd speciaal dampremmend tape, vaak butyltape of een tape met een dampdichte laag. Dit is verkrijgbaar bij bouwmarkten en isolatieleveranciers.

Conclusie

Het plaatsen van een dampremmer is een delicate klus, maar met de juiste kennis en zorg kun je veelvoorkomende fouten eenvoudig voorkomen. Let op de plaatsing, werk luchtdicht af, gebruik het juiste materiaal en combineer het met goede ventilatie. Zo bescherm je je woning tegen vocht en geniet je jarenlang van een gezond binnenklimaat. Twijfel je? Schakel dan een ervaren isolatiebedrijf in; de investering is vaak minder hoog dan de kosten van vochtschade achteraf.

Huis laten isoleren?

Vergelijk rustig en vraag vrijblijvend offertes aan via IsolatieWijs.

Vraag isolatieoffertes aan →

Verder lezen over kosten en prijzen: Dakisolatie: kosten en subsidie · Spouwmuurisolatie · Isolatie in Emmen: kosten, subsidie & offertes · Vloerisolatie · Isolatie in Groningen: kosten, subsidie & offertes · Isolatie in Zwolle: kosten, subsidie & offertes

Lees ook: Vocht in huis door isolatie: oorzaken en kosten · Kosten van vochtbestrijding na spouwmuurisolatie · Isoleren tegen vocht: welke materialen voorkomen condensatie? · Ventilatie na isolatie: onmisbaar of optioneel? · Kosten van het aanbrengen van dampremmers bij isolatie · Vochtproblemen door dakisolatie: herstelkostenmeer over vocht en condensproblemen

IsolatieWijs is een onafhankelijke gids en verkoopt zelf niets. Prijzen zijn indicaties.